Het Colombiaanse Planning Instituut (DNP) heeft op 21 december 2015 een rapport uitgebracht over afvalmanagement in Colombia. Dit rapport is onderdeel van de Colombiaanse Strategie voor Infrastructurele Ontwikkeling. President Juan Manuel Santos wil dat Colombia zich uiterlijk begin 2018 aansluit bij de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Verbetering van de situatie rond afval is hiervoor één van de vereisten.

Elk jaar wordt in Colombia 11,6 miljoen ton afval geproduceerd, bijna 0,7 kilo per persoon per dag. De hoofdstad Bogotá is de grootste leverancier: 6.300 ton/dag. De provincie Antioquia (hoofdplaats Medellín) is tweede met 3.260 ton/dag, en de Valle del Cauca (Cali) derde met 3.072 ton/dag. Slechts 17% van het afval wordt momenteel gerecycled. Scheiding aan de bron en gescheiden inzameling zijn nog zeldzaam.

Stortplaats in ColombiaIn de komende vijf jaar raken in 321 van de 1.102 gemeenten de stortplaatsen vol. Grote plaatsen als Bucaramanga (1 miljoen inwoners), Armenia (292.000), Manizales (440.000) en Neiva (373.000) krijgen hiermee te maken. De stortplaats Doña Juana van Bogotá (7,9 miljoen inwoners) is over zeven jaar vol. De verwachting is dat dit grote gevolgen zal hebben voor het milieu omdat veel overheden geen lange termijn strategie hebben voor afvalverwerking. Eind 2015 moesten alle gemeenten hun geactualiseerde Afval Management Plan (PGIRS) inleveren maar 80% heeft dit nog niet gedaan.

Volgens de DNP studie zijn er in Colombia 167 ongecontroleerde stortplaatsen, waar 4% van het landelijke afval wordt gestort. Dit speelt voornamelijk in steden aan de Caraïbische Zee en de Stille Oceaan. De provincies (in Colombia: departementen) met de meeste illegale stortplaatsen zijn Bolívar (29), Chocó (25), Magdalena (18), Cauca (14) en Nariño (9). De voornaamste steden met dit probleem zijn Quibdó, Riohacha, Buenaventura, Barrancabermeja en Puerto Asís. Er zijn 62 geautoriseerde regionale stortplaatsen in Colombia, waar 91% van het afval wordt gestort afkomstig van 803 gemeenten. Opvallend is het verschil in dekking voor wat betreft afvalinzameling tussen de steden (97,4%) en platteland (24,1%).

DNP schat dat in de komende tien jaar de hoeveelheid afval in Colombia met 20% zal stijgen. De aanbeveling is om in de provinciale en gemeentelijke bestemmingsplannen ruimte op te nemen voor nieuwe stortplaatsen en installaties voor afvalverwerking en recycling. Er is veel geld nodig voor de verlenging van de levensduur van bestaande stortplaatsen, de gecontroleerde sluiting van (167) vuilnisbelten in kleine gemeenschappen, de introductie van gescheiden inzameling en de ontwikkeling van infrastructuur voor afvalverwerking en -recycling. DNP beveelt aan om per decreet concrete doelen te stellen voor scheiding aan de bron en recycling, om hergebruik van uniform organisch afval (bijv. snoeiafval) actief te bevorderen en om op stortplaatsen van 7.000+ ton/maand biogas op te wekken. Dat laatste moet in Colombia een 6% reductie van broeikasgas-emissies tot gevolg hebben per 2030.

Langs deze lijnen ontwikkelt de Colombiaanse overheid momenteel het Nationale Afvalplan voor de komende 20 jaar. In dit plan zal de informele sector (de waste pickers) zijn rol behouden bij de inzameling van recyclables, maar wordt ook een impuls gegeven aan de toepassing van energie-terugwinning uit afval, compostering en mechanisch-biologische afvalverwerking. Verder wordt nagedacht over een actieve bevordering van scheiding aan de bron en recycling.